Geschiedenis 1935 - 2017

Het 140-jarig jubileum in 2017 is een goed moment om eens terug te kijken. Hier doen we dat samen met mevrouw IJntema-Sikma, de moeder van de huidige eigenaar Bauke en ook van Hans, de directeur die enkele jaren geleden terugtrad uit de leiding van het bedrijf. Mevrouw IJntema, Ticky voor intimi, is inmiddels 94 jaar en ze woont in een knusse flat in Sneek. Daar zoeken we haar op voor een gesprek vol herinneringen.

Mevrouw IJntema vertelt: ‘Ik kende het bedrijf al als jong meisje, want mijn moeder kwam ook uit Workum en mijn ouders waren kennissen van de IJntema’s. Vanuit Sneek, waar mijn vader een loodgietersbedrijf had, kwamen we geregeld in Workum. Ze kende Wieger (haar latere man. red.) dus al jong en ze vond het altijd al een leuke jongen. “Ik zag hem wel in Sneek lopen, als hij van het station naar de Ambachtsschool liep. Toen al had ik een oogje op hem.”

 

Faillissement

Bij IJntema werd van alles gebouwd: boerenwagens, boerengereedschap, maar ook personenauto’s en aanhang-wagens. Vóór de oorlog ook nog bussen. Mevrouw IJntema: “In die tijd was de bouw van dat soort vervoermiddelen nog niet aan zoveel regels gebonden. Maar halverwege de jaren ’30 leidde de busbouw wel tot problemen. Enkele nieuwe bussen werden door de klant niet afgenomen en dus niet betaald. Dat ging de financiële draagkracht van het bedrijf te boven en een faillissement volgde”. In die tijd was het heel normaal dat bijvoorbeeld boeren maar eens per jaar gefactureerd werden, dus heel veel rek zal er niet geweest zijn. Familie dichtbij en verderaf hielp om te redden wat er te redden viel: de inboedel, de panden en het gereedschap:  het werd allemaal opgekocht, zodat het bedrijf een doorstart kon maken.  De indertijd 20-jarige Obe, de zwager van mevrouw IJntema, kreeg zogenaamde ‘handlichting’, wat hem het recht gaf op zo’n jonge leeftijd het bedrijf te voeren. Toen mevrouw IJntema in het tweede oorlogsjaar verkering kreeg met Wieger werd er nog steeds afbetaald aan de diverse schuldeisers. Vader Haentje woonde naast de zaak, hij had een beroerte gehad en hield kantoor aan huis. Op papier was Obe de eigenaar, maar op de achtergrond had zijn vader een flinke vinger in de pap.

 

Oorlog

De oorlogsjaren waren niet gemakkelijk. Veel auto’s werden door de Duitsers gevorderd. IJntema had ook taxi’s, dus zij reden nog wel. Midden in de oorlog, in 1942, kregen Ticky en Wieger vaste verkering. Zij was 19 en hij 20 jaar. Wieger was vanwege de Duitse bezetting en de dreigende arbeidsinzet in Duitsland min of meer ondergedoken, maar werkte gewoon door in de werkplaats van het bedrijf. De NSB’er die tegenover het bedrijf woonde waarschuwde vader Haentje: “Wieger moet maar achterom gaan, want ik moet hem niet zien”. Het bedrijf doorstond de oorlog mede door de veelheid aan activiteiten: taxidiensten, een wagenmakerij en een autogarage, alles onder één dak. Wieger bleef in Nederland en na een jaar of zes verkering werd er in 1948 getrouwd. Voordat dat kon moest er eerst woonruimte beschikbaar zijn, geen eenvoudige zaak in die tijd. Maar vader Haentje zag in dat het jonge paar niet eindeloos kon wachten, dus hij regelde woonruimte boven de werkplaats. Daar woonde Obe, de broer van Wieger, maar die ging boven de autogarage wonen. Het jaar daarop, in 1949, werden de twee belangrijkste activiteiten in het bedrijf officieel van elkaar gescheiden. Obe ging verder met de autogarage en jongere broer Wieger nam de carrosseriebouw onder zijn hoede. Dat was voor alle partijen beter. Mevrouw IJntema: “Het ging vlak na de oorlog niet zo goed met het bedrijf. De boekhouding werd niet altijd even succesvol gedaan. Soms ging er meer geld uit dan dat er binnenkwam en de winsten van de ene tak werden in de andere tak aangewend ter compensatie van verliezen.” De boekhouder stelde daarom voor dat Wieger de boeken zou gaan bijhouden, maar die liet dat liever over aan zijn jonge vrouw Ticky. “Ik was opgeleid als coupeuse, ik had als jongfaam helemaal geen zin in de ULO, maar ik kon wel een kasboek bijhouden. Al doende leer je, en het was indertijd ook nog niet zo ingewikkeld als in latere jaren.” Zo werd de jonge Ticky bij het bedrijf betrokken, een betrokkenheid die tot ver in de jaren tachtig zou duren.

 

Overlijden

Alles veranderde plotsklaps toen Wieger in 1976 overleed aan een hartinfarct. Het was een enorme schok, een man van 53 die zo jong uit het leven gehaald werd. Het bedrijf dwong mevrouw IJntema en haar zonen echter door te gaan (dochter Aly was inmiddels getrouwd. red). Hans zwaaide direct af uit militaire dienst en kwam op kantoor. Mevrouw IJntema: “Hans was wel bekend met het bedrijf, want hij hielp al in de vakanties en had ook al eens waargenomen toen mijn man en ik een reis naar Canada maakten. Maar nu kwam het er op aan. Met ongeveer zes man personeel was het bedrijf medeverantwoordelijk voor heel wat monden”. Een aantal klanten deed moeilijk, zij wilden hun rekening niet meer betalen, want ‘afspraken zouden niet helder zijn geweest’. Stoere Ticky liet dat niet gebeuren en vocht tot aan het kantongerecht om haar gelijk te halen. De tienduizenden guldens kwamen met afbetalingsregelingen toch binnen. Gelukkig was er vertrouwd personeel en ook over de toenmalige leveranciers is mevrouw IJntema erg positief: “Er waren leveranciers en vertegenwoordigers die ons heel eerlijk adviseerden over het materiaal dat we moesten kopen voor een goede bedrijfsvoering. Ook De Vries van collega-bedrijf D.R.A.C.O. in Sneek was een grote steun voor ons. Daar ben ik nog altijd dankbaar voor. Er gingen echter ook dingen mis, en dat kostte dan zuurverdiend geld. Maar ik noemde dat ‘lesgeld’. Zo gaat dat.” Samen met haar zoon zette ze het bedrijf voort en dat ging, met een enkele misser eigenlijk heel goed. Klanten en leveranciers lieten de weduwe en haar zoon blijken dat ze respect hadden voor de leiding van het bedrijf. Ze gunden hen kansen.

 

Nieuwbouw

In 1986 kwam jongste zoon Bauke ook in het bedrijf. Hij was handig en na schooltijd en in de vakanties altijd al in de werkplaats te vinden. Voordat hij in het bedrijf kwam moest hij echter eerst het Vakdiploma Carrosserie halen. Ticky had vanwege haar leeftijd een vrijstelling, maar Hans en Bauke konden het bedrijf niet overnemen zonder dat papiertje. Ticky was praktisch en liet Bauke in de ochtend studeren voor het Carrosserievakdiploma en ’s middags in de werkplaats werken. Zo werd het diploma keurig gehaald.  Al snel maakten de broers plannen voor nieuwbouw in Heerenveen. Oorspronkelijk als tweede vestiging van het bedrijf, maar nadat begin jaren ’90 de crisis toesloeg besloten de broers te kiezen voor de moderne productielocatie boven de panden in Workum. Het einde van de carrosseriebouw in die stad. Voor Ticky was het geen moeilijke keuze: “Yn Warkum wie it in âlde rommel en je moatte ommers foarút!”. Ticky liet in die jaren ook langzamerhand de boekhouding aan haar schoondochter over en trad terug. Eerst woonde ze nog met plezier in Workum, maar een jaar of tien geleden verhuisde ze naar Sneek. Terug naar haar roots. De inmiddels hoogbejaarde dame volgt nog steeds het reilen en zeilen van het bedrijf. Via de website en Facebook kijkt ze mee en Bauke, die tegenwoordig zonder zijn broer Hans de directie voert, praat haar geregeld bij. Met haar naaiopleiding heeft Ticky niet veel gedaan: “Alleen voor de kinderen naaide ik”. Maar een carrière had ze wel!  

 

Op enkele ander pagina's vindt u de geschiedenis over andere perioden van ons bedrijf:

Deel deze pagina op: